bouwregelgeving

De Nederlandse bouwregelgeving is gelukkig opgezet in een drietrapsraket: functionele eisen, prestatie-eisen en materiaaleisen. Functionele eisen zijn...
De Nederlandse bouwregelgeving is gelukkig opgezet in een drietrapsraket: functionele eisen, prestatie-eisen en materiaaleisen. Functionele eisen zijn gekwalificeerde eisen: 'een vloer mag niet hinderlijk trillen'. Prestatie eisen zijn gekwantificeerde eisen: bij een belasting van 100 kg mag een scheidingswand - getest volgens norm XXX - niet bezwijken. Materiaaleisen kennen we niet (behalve t.a.v. asbest en formaldehyde) en alleen daar waar temperatuurverhoging mogelijk brand kan veroorzaken - zoals bij een rookgasafvoer - is het goed dat bij direct contact materialen worden toegepast die zo’n hitte kunnen verdragen. Dat is in Nederland goed geregeld en dat moet maar zo blijven.
Eisen stellen aan de prestaties in hun toepassing van bouw (delen) is een Europese benadering (CPD, CEN en CEPMC) en die van de hele NVTB. De ons omringende landen zijn afgunstig omdat dit bij ons innovatiebevorderend werkt. Prescriptieve eisen zijn zelfs gevaarlijk omdat aan het doel van een producteigenschap wordt gegaan. Met EPS maak je gewoon brandveilige toepassingen.

concurrerende uitspraken

Alle in Nederland verkrijgbare isolatiematerialen voldoen aan nationale en EU regelgeving en dus ook aan brandveiligheidseisen. Bij een brand zal uite...
Zelfontbrandend steenwol
Zelfontbrandend steenwol
Alle in Nederland verkrijgbare isolatiematerialen voldoen aan nationale en EU regelgeving en dus ook aan brandveiligheidseisen. Bij een brand zal uiteindelijk alles branden, dus ook kunststofschuimen (waaronder EPS) en minerale wolmaterialen. Waar het om gaat - en dat is ook het doel van de vigerende wetgeving - is de vraag of de branduitbreiding door isolatie dusdanig wordt versneld dat mensen niet meer op tijd kunnen wegkomen. Welnu, het staat vast dat de branduitbreiding niet wordt bepaald door de gebruikte isolatie maar door compartimentering van het gebouw en de inventaris in het gebouw. Anders gezegd: de brandveiligheid van een gebouw wordt niet bepaald door de toegepaste isolatie. Toegeven aan de onterechte claims van concurrerende materialen zou niet alleen tot marktverstoring leiden maar ook tot een schijnveiligheid die fatale gevolgen kan hebben.

Met uitzondering van minerale wol fabrikanten analyseren producenten van isolatie de opgetreden branden in Nederland. Zo zijn de Stybenex leden deelnemers in het TNO project 'leren van praktijkbranden' geweest met als slotconclusie: het maakt niet uit waar je mee isoleert; compartimentering en inhoud bepalen de 'brandvoortplanting'. Leveranciers van minerale wol deden niet mee, kennelijk omdat dit onderzoek en genoemde conclusie hun stelling weerlegt dat alleen minerale wol brandveilig zou zijn. Daarnaast heeft een Europese wolfabrikant tevergeefs getracht de EU testnormen aan hun marketingstrategie aan te passen. Dat is echter niet gelukt. Zelfs een beroep op het Europese Hof haalde niets uit. Hun pogingen om deze strategie in Nederlandse wetgeving te verankeren lopen sinds 1975 spaak. Tot slot: goede isolatie leidt tot een aanzienlijke besparing van CO2 emissie, is eenvoudig recyclebaar, is makkelijk verwerkbaar en beloopbaar en leidt niet tot huidirritatie bij verwerking. Daarnaast is het rendement van de investering in isolatie van groot belang. Op dit soort aspecten verschillen de diverse isolatiematerialen van elkaar. Niet op het punt van brandveiligheid.

casuïstiek, statistiek en onderzoeksrapporten

Begin een en twintigste eeuw liet Stybenex 51 onderzoeken door BDA en TNO-CvB/Efectis doen naar brandoorzaak en brandontwikkeling. Het betrof een asel...
Door KPMG gevalideerd overzicht praktijkbranden
Door KPMG gevalideerd overzicht praktijkbranden
Begin een en twintigste eeuw liet Stybenex 51 onderzoeken door BDA en TNO-CvB/Efectis doen naar brandoorzaak en brandontwikkeling. Het betrof een aselecte steekproef ten nadele van EPS om de onderste steen boven te krijgen. Halverwege de serie onderzoeken lieten we KPMG de reulaten reeds valideren. Conclusie: EPS heeft niet of nauwelijks bijgedragen tot het ontstaan en de ontwikkeling van branden. Zie nevenstaand overzicht. De factsheet 9 Casuïstiek en Statistiek vindt u hier

We beschikken over alle onderzoeksrapporten; zo ook over die aan de Flevoweg te Leiden. Het verloop van de onderzoeken naar de oorzaak en ontwikkeling van deze brand duurde bijna 2 jaar. Ook VROM en BZK onderschrijven de conclusies: de aanwezigheid van isolatiemateriaal is ondergeschikt aan het verloop geweest. Het betrof een Fire Gas Explosion, iets waar tot dan in Nederland nauwelijks aandacht is geschonken, in tegenstelling tot Zweden en Engeland. Het OVV rapport over de brand in de Punt bevestigt eenzelfde brandverloop en concludeert eveneens dat de mogelijke bijdrage van het isolatiemateriaal niet nodig is geweest voor genoemd verloop.

Sprinklerinstallaties

Ook onderzochten we valse beweringen over nut en noodzaak van Sprinklerinstallaties in relatie tot het toe te passen isolatiemateriaal: geen enkel bel...
Ook onderzochten we valse beweringen over nut en noodzaak van Sprinklerinstallaties in relatie tot het toe te passen isolatiemateriaal: geen enkel beletsel om EPS toe te passen.